OnderbouwLeerlingen worden gegroepeerd per niveau en in basisklassen geplaatst. Het onderwijsteam en andere deskundigen kunnen zich zo een beeld vormen van de mogelijkheden, interesses en persoonlijkheid van de leerling. In principe duurt de onderbouw twee jaar (drie jaar praktijkstroom). Door onderzoek en observatie wordt bepaald welke vervolgopleiding het beste bij de leerling past.
Transitie, contextrijk leren, sociaal emotionele ontwikkeling, vakkenintegratie, loopbaanoriëntatie en zelfstandigheid vormen de basis voor ons onderwijs.
In de onderbouw gebeurt dit door praktijk en theorie te koppelen. Bijvoorbeeld: • biologie (menselijk lichaam) en verzorging; • scheikunde/natuurkunde en techniek; • mens en maatschappij (aardrijkskunde, geschiedenis, maatschappijleer en economie; • biologie (plant, dier en milieu) en groen. Zoeken |